Maskers had ik verwacht

afgelegde maskers in hoekjes

van Delfshavense slaapkamers

.

Het bed in De kunstsuper

vormt het middelpunt

Griet Menschaert slaapt er

twintig ramen kijken toe

.

De fotograaf zwermt uit

legt slaapkamers vast

bevriest zijn beelden, fragmenten,

in pixels: rood, groen en blauw

.

De resultaten, haar tekeningen,

zijn foto’s, vullen de muren,

verhullen niet de leegte

van wat verborgen blijft

.

geen mens te zien op de foto’s

geen hand of voet

net te laat weggetrokken

Stil… slapen werd sliep, geslapen

.

Een blouse met rozen

op de rug van een gebloemde stoel

sloffen als forse hondenkoppen

Mona Lisa bij een schreeuwende tijger

.

Wie zette de elegante hakjes

op het dieprode bed?

wat zie ik niet buiten het beeld

van opgehangen kanten lingerie?

.

De verdwenen mens toont zich

in potlood, vaag als slierten rook

transparant gevangen beweging,

getekende levende zielen

.

Naast haar bed in de galerie

een tafeltje, een nog kleiner krukje,

houtskool, kaarsen, twee tekeningen.

Tegen een pleerol leunt een dichte brief

.

Aan Griet Menschaert en

Gert-Jan van den Bemd, handgeschreven,

rode frankeermachine. Doorvallend licht

verraadt de schaduw van het onzichtbare

.

De maskers verhullen.

Onthullen de maskers volgende maskers?

Op naar de volgende kamer, het potlood

op blanco papier, aarzelend, vol hoop.

.

Kees Schrevel